Onderhoud Wegens onderhoudswerkzaamheden zal Confluence donderdag 13 oktober 2022 van 06u00 tot 09u00 onbeschikbaar zijn.
Page tree
Skip to end of metadata
Go to start of metadata

Voor het aspect geurhinder in plan-MER werd volgende beslissingsboom opgesteld op basis van de algemene richtlijnen m.b.t. plannen:

Volgende stappen worden doorlopen:

  • Stap 1: Is 'lucht, deeldomein geur' een relevante discipline?
  • Stap 2: Zijn de planonderdelen ruimtelijk lokaliseerbaar? Het plan of planonderdeel moet kunnen toegewezen worden aan een specifieke locatie.
  • Stap 3: Welke emissies veroorzaken de effecten op de luchtkwaliteit? Splits de emissies op in emissies door verkeer, industrie en andere.
  • Stap 4: Is een redelijke inschatting van de industriële emissies of diffuse verkeersemissies mogelijk? Een redelijke inschatting gaat ervan uit dat de nauwkeurigheidsmarge voldoende groot is zodat bepaalde besluiten/stellingen kunnen gedaan worden. De nauwkeurigheidsmarge wordt vergroot indien emissies en/of emissiekenmerken kunnen bepaald worden per sector, per groep, per logische eenheid, ... en dus niet op basis van algemene gemiddelden over alle sectoren.
  • Stap 5: Is een redelijke inschatting van de industriële immissies mogelijk? Indien de emissies met redelijke nauwkeurigheid gekend zijn, zullen vaak ook de andere emissiekenmerken (nodige schouwhoogte, temperatuur, debiet, ...) met redelijke nauwkeurigheid gekend zijn zodat dispersieberekeningen mogelijk zijn.

Omschrijving van de diverse methodologieën:

  • Methodologie 1 = plan-MER op strategisch niveau (beleidsniveau): dit is het type plan-MER waarbij de individuele ingrepen/projecten niet ruimtelijk lokaliseerbaar zijn.
  • Methodologie 2 = plan-MER wegverkeer: dit is een plan-MER met invloed op de luchtkwaliteit omwille van verkeersemissiebronnen.
  • Methodologie 3 = plan-MER ander verkeer: dit is een plan-MER met invloed op de luchtkwaliteit omwille van andere verkeersemissiebronnen (spoorverkeer, scheepvaart, vliegverkeer, parkings, motorcross- en kartingterreinen, ...)
  • Methodologie 4 = plan-MER gebouwenverwarming: dit is een plan-MER met invloed op de luchtkwaliteit omwille van emissies die horen bij de verwarming van gebouwen.
  • Methodologie 5 = plan-MER afstandsregels: dit is een plan-MER waarbij getracht wordt door middel van afstandsregels en milieuzonering de effecten op de luchtkwaliteit voor de receptoren (natuur, mens, ...) te minimaliseren.
  • Methodologie 6 = plan-MER modellering industrie: dit is een plan-MER waarbij voldoende gegevens gekend zijn omtrent de emissies en emissiekenmerken van de industrie die zich in het plangebied wil vestigen om dispersiemodellering mogelijk te maken met voldoende nauwkeurigheid.
  • Methodologie 7 = plan-MER emissie industrie: dit is een plan-MER waarbij enkel industriële emissiegegevens beschikbaar zijn.

Indien het plan of de planonderdelen nog niet lokaliseerbaar zijn, is methodologie 1 voor plan-MERs op strategisch niveau van toepassing. Van zodra het plan of de planonderdelen wél lokaliseerbaar zijn, zijn voornamelijk de industriële geuremissies van belang. Verkeers- en andere emissies zijn meestal niet relevant voor wat betreft het aspect geurhinder. Per uitzondering is dit wel het geval, voor bv. luchthavens of op- en overslag van geurhoudende scheepsladingen. 

Methodologieën 1, 5, 6 en 7 zijn dus voornamelijk van toepassing.

In methodologie 5 en 6 kan milieuzonering worden toegepast. De bouwstenen voor gebruik van het instrument milieuzonering zijn te vinden in de gids 'Milieuzonering voor geluid, geur en grof stof in Vlaanderen – Methodieken en gebruik van milieuzonering bij gebiedsontwikkeling rond bedrijven en bedrijventerreinen".





  • No labels